Veerman

De rumoerige vier muren van de werkplaats bij Van Gemert werden me op den duur echt teveel. Ik ging op zoek naar ander werk en vond een vacature voor veerman op het Bronkhorster veer.
Na kennismaking werd ik daar aangenomen om samen met de eigenaar het veer 80 uur in de week te bemannen.
Het varen met een kabelpont was wel iets heel anders dan met een vrij  varend schip, maar ik had het snel onder de knie.

We woonden in een dienstwoning; een heel oud klein boerderijtje op een terp in de uiterwaard. Wanneer het water van de IJssel hoog stond woonden we op een eilandje en brachten we de kinderen met een roeiboot naar de dijk om naar school te gaan en in de zomer was het druk met toeristen; altijd levendig en afwisselend.

Maar aan sommige werkomstandigheden kon ik niet wennen. Dit had vooral te maken met de boerenmentaliteit van de baas. Ik hield van netjes, schoon en de pont goed in de verf, maar achteraf kreeg ik het verwijt dat ik voor een kapitaal aan verf had verbruikt. En zo waren er wel meer zaken die pijnlijk aantonen dat er binnen ons kleine Nederland heel grote cultuurverschillen bestaan.

Hoewel het werk zelf heel mooi was; ik had een leuk contact met de klanten, was ik al snel weer op zoek naar ander werk.

Op een keer was ik in Lobith bij mijn broer aan boord op bezoek toen hij mij vertelde dat zijn matroos ontslag had genomen. We waren het snel eens over het plan dat ik zijn volgende matroos/stuurman zou zijn.

En dus gingen we na 2 ½ jaar opnieuw op zoek naar een huis, dat we vonden in Dordrecht. Uiteindelijk hebben we daar bijna 20 jaar gewoond.