Het oude schip moest gemoderniseerd worden. Elf laadruimen waren lastig een voor een schoon te maken nadat een lading gelost was. In die tijd waren er al veel schepen en duwbakken met één vierkant stalen laadruim. Om mee te kunnen in deze concurrerende markt moest de Louise aangepast worden. Er waren drie opties: 1 een dubbelwandig laadruim inbouwen in het oude schip, maar dan zouden de kosten de waarde van het schip vér overstijgen. 2 een duwbak voor het achterschip met woning en voortstuwing plaatsen, maar een duwbak is hiervoor niet zwaar genoeg gebouwd. 3 Aan het bestaande achterschip een heel nieuw schip bouwen. Voor dit project maakten we uit elf offertes de keuze om dit te laten uitvoeren door scheepswerf St. Barbara in het Belgische Eijsden.

Op deze werf werd een nieuw schip zonder achterschip gebouwd, waarna het oude schip tot aan de stuurhut in het droogdok werd gesloopt en het nieuwe gedeelte aan het achterschip werd vastgemaakt. Het resultaat was een modern bruikbaar schip, zij het met gedateerde voortstuwing en accommodatie. Dit werd in latere fasen gerealiseerd.


Het schip zou vooral ingezet worden voor het vervoer van betonzand naar de betoncentrale van de Fa. Kesteleyn in Gent.
Hier op de foto in de afvaart voor de sluis van Lith op de Maas.
Aangezien het vermogen van de bestaande voortstuwingsmotoren te zwak bleek voor het toegenomen laadvermogen, dit was gestegen van 1697 naar 2560 ton, werd besloten tot hermotoriseren. Hiervoor viel de keuze opnieuw op twee GM’s, maar nu van elk 600 pk.
Deze werden in 1977 ingebouwd.
Nadat een jaar eerder de woningen al waren vernieuwd was dit het voorlopige sluitstuk van de moderniseringsoperatie waardoor het schip klaar was voor de toekomst.

Wat nog ontbrak was een functionele eigentijdse stuurhut. Deze werd in 1988 geplaatst in Cuijk bij de firma Niessen. Later, toen deze firma overgenomen werd door Dhr. Hennie van Gemert werd dit 8 ½ jaar mijn nieuwe werkgever nadat de Louise eind 1991 was verkocht.

Na bijna 21 jaar was mijn periode ‘Louise’ eind 1991 voorbij. Voor mij en mijn gezin brak een periode aan van ‘gewoon’ wonen in een huis in Cuijk en dagelijks naar het werk in de aluminiumbouw op de werf. waar we onze stuurhut hadden laten bouwen. Ik zou later nog met verschillende schepen varen waarvan ik zelf had meegewerkt aan het bouwen en monteren van hun stuurhut.

De Louise vaart nog altijd. Na de verkoop is hij nog een aantal keer van eigenaar gewisseld.
Twee keer heeft een nieuwe eigenaar de naam ‘Louise’ in ere gehouden, daarna werd het de Jan Willem om vervolgens door twee verschillende eigenaren omgedoopt te worden tot Spes Salutis (Hoop op Behoud). Tegenwoordig, 2026, vaart hij al een aantal jaren als Studium. Nog altijd een prachtig en opvallend schip. Al hoort hij nu niet meer tot de grotere binnenvaartschepen zoals in 1970, toen mijn vader hem kocht.

We hebben er mooie jaren mee beleefd. Van storm tot ijsgang, van zoute Zeeuwse Stromen tot zoet Rijn- , Waal- en Maaswater.
Van oud, achterstallig en verwaarloosd tot voor die tijd hypermodern, praktisch, functioneel en vooral gezellig om op te wonen.
We zijn God en mijn ouders dankbaar voor de jaren op de Louise.

Ooit is de Jan Willem bij Schellingwoude aangevaren door een ander schip dat uit zijn roer liep. Beide schepen waren geladen.
Het mag een wonder heten dat geen van beide schepen gezonken zijn. Op de foto is te zien hoe zwaar de impact geweest is.



Dit was het langste hoofdstuk uit mijn varende bestaan. Er zouden er nog meerdere volgen.

Nog een toegift: De Studium werd op dinsdag 25 augustus 2026, recent dus, door een dorpsgenote gefotografeerd bij Delfzijl.
Het schip kijkt mij nog altijd aan…